Jong Beatrix kent een aantal verschillende secties waaruit je kunt kiezen. Dit is het percussion, de brass en de color guard. Klik op één van de onderstaande links om meer te weten te komen over de verschillende secties.
Brass
De brass (de blazersgroep) bestaat uit een aantal verschillende instrumenten. Die zijn allemaal afgeleid van instrumenten uit een orkest. Bij Jong Beatrix hebben wij net even iets andere instrumenten en wij noemen ze ook net weer even anders. De namen van onze instrumenten zijn namelijk overgewaaid uit Amerika:
Van links naar rechts zie je de bariton, de mellophone, de soprano en de fluit.

Percussion
Het percussion (slagwerk) van Jong Beatrix is onder te verdelen in twee groepen. De eerste groep is het zogenaamde field percussion, de groep die op het veld een show loopt. De tweede groep is genaamd de pit. Deze groep staat voor aan het veld en loopt geen show. Het percussion is te vergelijken met het drumstel en zorgt dus voor de ritmische ondersteuning bij de muziek. Het verschil met een drumstel is dat bij het field percussion alle onderdelen los op het veld lopen. Zo vormen zij als het ware een drumstel. Het field percussionbestaat uit snares, tenors, bassdrums en cymbals.

De tenors spelen vanaf 2001 op quints, 5 trommels van verschillende grootte. De 5 bassdrums verschillen ook in grootte. Zodoende kunnen deze twee groepjes binnen percussion de melodielijnen spelen. De snares en cymbals maken het drumstel helemaal compleet.
Vooraan het veld staat de pit. Instrumenten die hier gebruikt worden zijn o.a. de marimba, xylofoon, bells, tympani, concertbass, tomset en diverse cymbals. De pit zorgt voor de algehele melodielijn binnen percussion.
Colorguard
De Color Guard is de meest opvallende groep binnen Jong Beatrix. Deze groep, meestal dames, heeft de visuele rol op het veld. Met allerlei materialen zoals grote en kleine vlaggen, sabres (zwaarden) en rifles (houten geweren) maken ze de show tot een gekleurd geheel. Ook bij een straatoptreden springt deze groep eruit, omdat ze vooraan lopen. De draaiende vlaggen zijn dan een blikvanger voor de hele club.

De colorguard, afgekort met guard, is op te splitsen in twee groepen. Een zomer- en een winterguard. Dat is niet zonder reden. In het winterseizoen studeren de brass en het percussion de nieuwe muziek in. De guard kan niet eerder bewegingen invullen, dan dat de brass en percussion het hebben ingestudeerd.
Daarom is er een aparte competitie opgezet, de zogenaamde winterguard. Op (mechanische) muziek wordt een show van 5 minuten bedacht, compleet met nieuwe bewegingen en dansstukjes. Je begrijpt: op deze manier bouwt de guard verder aan hun niveau. Dit staat in zijn geheel los van het zomergebeuren. Maar het zijn wel dezelfde meiden.
| < Vorige | Volgende > |
|---|





